Echt op reis

De eerste nacht in onze camper. Eerst een autostrade nemen, recht de bergen in. Tegen dertig, want sneller gaat dat niet. Bien preparadito: verse groentjes uit de frigo halen, potje koken met onze nieuwe stoomkoker, apparaatjes opladen met onze zelfgesoldeerde stekker, douche genomen met (te)  heet water, filmpje gekeken op de laptop. Een extreem gevoel van luxe werd ons meester. Onze toekomst: een lap grond kopen en er desnoods een stacaravan op zetten – want wie heeft nu meer nodig dan dat.

Image

En dan begon alles – alles – te falen. Laders doorgebrand wegens te veel amperage of wegens niet respecteren + en – pool. Koffie niet warm genoeg want de stoomketel nog niet begrepen. Frigo definitief kapot (volgens tinternet) wegens te schuin geparkeerd laten aanstaan. Blijft heet, en we krijgen hem maar niet uit. De rechterspiegel losgebroken. Water bijgetankt en nu continu druppen uit de onderkant. Wagen onderhouden en remmen en schakeling hebben extra aandacht nodig. Extra dieseltank lekt. Bij de beklimming van een steile 4×4 weg geeft de auto het bijna op. En voelt het alsof hij achterover gaat slaan. En durven we hem niet geparkeerd laten staan omdat hij zo hoog is dat het lijkt alsof hij elk moment van de berg naar beneden kan waaien. Terug beneden, zak ik onderuit in onze ‘living’. En zie ik de blauwe lucht, waar vroeger ons dak-verluchting zat. “Lore, ons dak is weggewaaid”.

Om onszelf te troosten naar thermale bronnen gegaan. Alwaar men in een doorsnee badkuip kon kruipen. Nevermind.

Image

Het was, met andere woorden, een minder goed dag. Langzamerhand toch wat acceptatie. Ach, de mensen thuis die het ons wat minder gunnen, hebben dan iets om zich over te leedvermaken. Dat dak zat uiteindelijk gewoon een beetje weggeblazen, gewoon even vastzetten met wonderplakband. Toen die computer niet aan wou gaan, keek er een vogeltje mij heel wijsneuzerig aan. Die spiegel hangt ook weer mooi vast met wonderplakband. En we kunnen de allermoeilijkste wegen uiteindelijk ook wel gewoon vermijden. Zo’n frigo, dat heb je toch ook niet écht nodig. En die watertank, tja, dat zullen we eens grondig moeten bekijken zeker.

’s Avonds toch nog de “Valle del Encanto”, bij Ovalle bereikt. Zéér vriendelijk ontvangen door een meneer, zijn hond (Mosquito, zelf gered), en zijn vrije huisroofvogel Pedrito. Blijkbaar vervalt je toegangsgeld als je 2 euro betaalt om te kamperen. Heerlijke oase in het midden van een halfwoestijn vol reuze cactussen. Overal pluizige bloemen, hier en daar een kolibri, vol konijnen, een kabbelend beekje, en petrogliefen. Terug van de wandeling, wat bleek: de frigo die al lang uit moest staan, was terug koud. En het lekken van water leek ten einde: gewoon niet te vol doen die tank.

Neen, gemakkelijk gaat het wellicht nooit worden tussen ons en Berenjena (bee-ren-chij-na, aubergine). Maar nu zijn we ten minste écht op reis.

ImageImageImage

Advertisements

2 thoughts on “Echt op reis

  1. Een goed begin: enkel lijden levert literatuur op:-) Het wordt niet alleen het langste, maar ook het langzaamste verlengd weekend ooit, da’s al duidelijk: redefining slow travel.
    Nu graag nog een uitgebreide post met veel fotos van binnen- en buitenkant van de aubergine. Maar wees maar voorzichtig met dat zwaartepunt, op sommige routes is er geen alternatief, geen weg voorwaarts en geen weg terug, schat ik…
    Happy travels!

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s